Ik ben nog niet koud geland in Nederland en het gezeik begint alweer. Zakelijk adviseur hangt al aan de telefoon, omdat ik allerlei zaken moet afhandelen voor Stan. Een naar gevoel bekruipt me.
Het is nog lang niet afgelopen..
De ergste periode van mijn leven gaat nog even door. Vanaf januari van dit jaar is mijn leven een regelrechte hel geworden. Stan is veranderd in een agressieve, onvoorspelbare, manipulerende junk.
Het is zoveel om te vertellen, ook zo deprimerend, dat ik af en toe niet weet waar ik moet beginnen met vertellen. Daarom vertel ik stukje voor stukje, net wat er op het moment bij mij binnen komt.
Vanaf het moment dat hij een cd van mij heeft gevonden met daarop het gesprek wat ik met een paragnost heb gehad, is het helemaal mis. Ziedend van woede en wrok heeft hij me gestalkt, lastig gevallen, me bedreigd, geschopt, zelfs de politie is eraan te pas gekomen. Nooit beseft dat me dit ooit zou overkomen. Wat een ellende allemaal. Flashbacks vliegen me om de oren, ik heb alleen nu geen zin om er op in te gaan. Vandaag was alweer heftig genoeg.
Zo onvoorspelbaar als hij was is hij nog steeds. Vandaag heeft hij een mailtje gehad van de adviseur dat hij is uitgeschreven op ons adres, omdat hij al een half jaar op een ander adres woont! Krijg ik daar even de schuld van, zo oneerlijk. Die woede die hij heeft is niet te volgen.
Hij wil de touwtjes in handen houden, hij blijft me verdriet doen. Ik blijf me voor hem inzetten. Ik moet dat NIET meer doen. Ik zie nu wat ik al die jaren fout heb gedaan. Ik moet dit stoppen, anders stopt het niet. We moeten zo snel mogelijk scheiden, alle lijntjes doorknippen.
Vanavond heb ik weer twee keer opgehangen, hij blijft me manipuleren. Hij is boos op me, omdat ik niet zomaar alles van me laat afpakken. We hebben twee zaken en hij wil ze allebei hebben. Hij alles en ik niets! Nou, dat gaan we dus niet doen. Als hij mij niet had gehad, dan waren er nu geen zaken meer. Als ik hem niet had gehad dan had ik nu ook geen zaak in onze branche gehad. Dus het is geven en nemen. Alleen dat wil hij niet inzien. De strijd die gaat volgen wordt heel heftig. Dit zal niet soepel verlopen.
Nu heb ik nog de rust omdat hij in een kliniek zit in het buitenland, maar dat zal niet lang meer duren. Nu heb ik geen angst, dat hij ineens op het dak staat, of in de bosjes ligt, of zomaar in de garage staat. Het is niet voor te stellen, maar hij is tot alles in staat. Onberekenbaar en onbetrouwbaar.
En ze vinden hem allemaal zo lief in de kliniek. Hij mag er zijn, hij heeft een hard van goud, hij is verzorgend, ga zo maar door.. Waarom merk ik daar helemaal niets van? Het enige wat ik merk is achterdocht, jaloezie en afgunst.
Godverdomme, ik ben zo boos. Waarom laat ik me zo weer opjagen, weer een rotgevoel en verdriet. Ik wil dit niet meer. Nooit meer.
Het doet zoveel pijn, waarom?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten